Er wordt nogal eens beweerd dat stiefmóeders het lastiger hebben dan stiefváders. Over het algemeen klopt dat wel, maar het hangt er ook vanaf hoe je in het leven staat (en ook hoe je je laat beïnvloeden door hoe jullie omgeving in het leven staat). Want bij vrouwen wordt  toch vaak vanuit de traditionele rolpatronen gedacht. Men acht vrouwen beter in staat tot opvoeding, verwacht van vrouwen meer inlevingsvermogen, huishoudelijke taken worden vaak gezien als vrouwelijk.

 

Onbewuste motieven

Mannen stappen vaak ook met heel andere motieven in een (nieuwe) relatie. Natuurlijk zijn ze waarschijnlijk heus wel verliefd, maar érgens deep down is er vaak ook de behoefte aan warmte en gezelligheid, die, zo denken zij, vooral bij een vrouw te vinden zijn. En ook dat is een traditionele gedachte die niet altijd geldt. En als vrouwen geen behoefte hebben om die verzorgende, aandachtgevende rol te hebben, dan wordt hen dat kwalijk genomen, veel meer dan bij mannen.

 

Regels en wetten

Mannen zijn vaak van de gedragsregels. Er moeten regels komen waar de kinderen zich aan houden. Vrouwen slikken deze opgelegde regels vaak terwijl ze er niets in zien, of ze niet echt willen handhaven. En je ziet ook toch vaker dat de kinderen niet 50/50 bij de andere ouder zijn, waardoor de gedachte ontstaat: ik ga geen politieagent spelen voor die korte tijd dat ze er zijn, terwijl er wel wordt gehandhaafd bij de kinderen die er vaker zijn.

 

De band met een bonuskind

Een bonusouder kan wel een hele mooie band opbouwen met bonuskinderen, maar dat gaat niet vanzelf. Je moet beseffen dat het kind onvoorwaardelijk voor zijn ouders kiest. Ook als plusouder voel je meestal voor je eigen kind toch meer dan voor het pluskind. Je voelt dat het een verlengstuk is van jezelf: jij leeft in het kind voort. Je herkent dingen van jezelf in het kind. Meestal is dat toch minder aanwezig bij een stiefkind.

 

Brand

Iemand verwoordde het zo: als ons huis in brand staat red ik eerst mijn kind en dan pas jouw kind.